De familie Borgmann uit Wesuwe met 2 bijlages Door Gerard Steenhuis, zomer 2015 De St. Clemenskirche in Haren-Wesuwe. Links de gevel van het café van Schulte-Bruns. Op deze plek stond eerder het huis van de familie Borgmann (foto; Fotoalbum Ansichten, Häuser Menschen, Heinz Menke e.a., 2004) Failliet in Wesuwe Halfweg de negentiende eeuw woont nabij de kerk van Wesuwe het gezin van Hermann Heinrich Borgmann en Anna Angela Wilken. Soms wordt bij haar de naam Lammers gebruikt. Hermann Heinrich is geboren in 1812 in Altharen en de vier jaar oudere Anna Angela Wilken in 1808 in Lathen. Hij is zoon van Joseph Borgmann (Gosejans) en Maria Hake (1781 We-1833 We). Zij is dochter van Johann Wilkens (1772) en Sibylla Langen (1767 Lathen). In 1840 trouwt het paar in de kerk van Wesuwe. Al hun kinderen worden hier geboren: Johann Joseph in 1841, Anna Maria in 1846, Maria in 1848 en Anna Angela in 1853. Borgmann heeft hier, aan de weg naar de Ems in Hemsen, een café en winkel. Daarnaast is hij boer. Hij bezit een zesde volerfdeel van de marke van Wesuwe. ‘Ze hebben niet opgepast’ zegt de in Wesuwe aan de Dünerweg wonende verre familielid Bernard Hüsers. En hij heeft het weer gehoord van zijn oom. De familie gaat failliet en de lokale krant ‘Ems und Haseblätter’ van 31 maart 1858 biedt per Anzeige- Bekanntmachung woonhuis en landerijen van ‘Krämers’ Hermann Heinrich Borgmann te koop aan, zie bijlage 1. Nu woont op deze plek de familie Schulte-Bruns. Het vroegere huis, winkel en café van ‘Krämer’ Borgmann aan de    Hemsenerstrasse in Wesuwe (foto; Bernard Hüsers) Naar Nederland Op 31 april 1865 wordt dit gezin in de gemeente Emmen ingeschreven bij de burgerlijke stand. Zij komen van Wesuwe. In oktober van datzelfde jaar pachten ze in Compascuum (zo wordt Barger-Compascuum voor 1890 genoemd) tien hectare grond op plaats 34, met de voorwaarde er een woning op te bouwen. Zij wonen aan de westkant van de Schoolweg-zuid. Op de plaats noordelijk van hen, plaats 33, staat het huis van Willem Feringa. Zo is althans de situatie in 1872-1873 (noot 1). Een kleine tien jaar later ziet de buurt er al geheel anders uit. Meerdere gezinnen vestigen zich hier. Noordelijk van Borgmann, op plaats 33, woont Harm Hartmann ‘Wind’ Harm en op plaats 32 J. Book. Tegenover Book, aan de oostzijde van de Schoolweg-zuid, staat het huis van het uit Gross Fullen afkomstige gezin van Johann Heinrich Kuhl en Maria Helena Kosse. Op de plaats ten zuiden van Borgmann, plaats 35, wonen Johann Wilhelm Specken ‘Hahnenwilm’ met zijn tweede vrouw Anna Adelheid Brink en hun kinderen. Aan de andere kant van de weg huist Anne Smeman, beter bekend als ‘Stoet Anne’. Zie de kaart Compascuum plus minus 1880-90 (noot 2). Borgmann overlijdt in 1892 en zijn vrouw een jaar later in 1893. Maria Catharina Reis uit Lindloh (foto; Herman Feringa) Aan de Schoolweg-zuid Enige zoon Johann Joseph (1841 We-1918 BC) trouwt in 1872 in Rütenbrock met Maria Catharina Reis (1845 Lindloh-1918 BC). Zij komt van Lindloh. Waarschijnlijk blijven zij wonen in het ouderlijke huis. Op de kaart van het Hebelermeerse Compascuum van 1903 staan de plaatsen 1273, 1274 en zuidelijker 1292 en 1296 op zijn naam (noot 3). Op de kaart van 1932 staan de plaatsen 1273, 1274 én 1275, 1276 op naam van zijn zoon Hermann Otto (noot 4). De familie heeft hier dus twee belendende plaatsen aangekocht in het noordelijke Hebelermeerse Compas, maar de zuidelijkere plaatsen 1292 en 1296 van de hand gedaan. Deze grondstukken zijn gekocht door de familie Gerrit Schiphouwer. Anna Maria (1846 We-1889 Dankern) trouwt in 1875 in haar geboortedorp, in Wesuwe, met Johann Hermann Sandten (1849) uit Dankern. Zij overlijdt in 1889 in dit dorp. De weg van haar man is niet verder gevolgd. Maria (1848 We) emigreert naar Amerika. Jongste dochter Anna Angela (1853 We-1878 BC) trouwt in 1875 in Emmen met Heinrich Joseph Teiken (1836 Schw.berg-1915 BC). Zij wonen in het noordelijk Barger- Compascuum, ten oosten van de Runde, in het Voor- Compas op plaats 16. Zie ook het verhaal van mw. Muter- Theijken in ‘Land op de schop’, blz. 95. Bij de geboorte van het tweede kind, Angela Adelheid in 1878, overlijdt de moeder. Tien dagen later overlijdt ook de baby. Dit gebeurt bij de familie Teiken in Schwartenberg. Joop Teiken hertrouwt in 1880 met Maria Gezina Kramer (1847 Zandberg-1919 Boveld). De pastoor van Rütenbrock die het geboortebewijs van Joseph Teiken afgeeft schrijft als achternaam Theijken. Zo circuleren binnen dezelfde familie twee achternamen: Teiken en Theijken. Margaretha Borgmann-Muller en en zoon Heine Borgmann met op de achtergrond het oorspronkelijke huis op het bovenveen tussen de Limietweg en de grens (foto; Herman Feringa) Het gezin van Otto Borgmann en Margaretha Muller. Staand, Vlnr; Heine, Berend, Joop en Leida. Zittend; vader Otto Borgmann en moeder Margaretha Muller (foto; Heinie Borgmann) Johann Joseph naar Limietweg 70 Johann Joseph heeft talrijk nageslacht. Diens oudste zoon Hermann Otto (1873 BC-1931 BC) trouwt in 1903 met de Margaretha Muller (1878 Boveld-1967 BC). Zij komen te wonen aan de grens op plaats 1275. Dit is in de buurt van de familie Robben, Greve, Speller en Linnemann. Ze wonen op het bovenveen. In 1955 bouwen ze aan het kanaal en komen ze te wonen op adres Limietweg 70. 1/4   Ga naar de volgende pagina