Tussen Viertorenbrug,
de grens en Springersbrug
door Gerard Steenhuis, oktober 2016 gsfysio@hotmail.com
Verlengde Oosterdiep wz 6 en (li) 7 (foto; GS)
In 2013 is de nieuwe vaarverbinding tussen Erica en Ter Apel geopend. Het traject krijgt de naam ‘De
Veenvaart’. Deze Veenvaart maakt gebruik van de oorspronkelijke, tussen (geschat) 1900 en 1921
uitgegraven, waterverbinding van Emmer-Compascuum naar Barger-Compascuum: Oosterdiep en
Verlengde Oosterdiep. Het Oosterdiep kent van noord naar zuid twee bruggen: De Doorsnee en
Viertorenbrug én drie sluizen. Daar waar het Hoofdkanaal eindigt de Koepelsluis, na een halve kilometer
de Jansenverlaat en op het eind de Compascumersluis. In zuidelijke richting loopt het kanaal door als
Verlengde Oosterdiep. In dit kanaal lag bij de winkel van Willem en Hendrik Springer de Springersbrug.
Rond 1970 is de brug gesloopt en een zanddam neergelegd. Bij de komst van de Veenvaart zijn alle
dammen eruit gehaald en bruggen weer geplaatst. Onder de naam Wethouder Hartmanbrug (foutief met
één n) is enkele honderden meters zuidelijker een nieuwe brug neergelegd. Een brugwachter is niet nodig.
Jongens op scooters in opvallend oranje en gele jassen rijden heen en weer en bedienen de bruggen en
sluizen.
Wonen aan het kanaal
Enkele honderden meters ten zuiden van de Compascumersluis en Viertorenbrug staat het huis van de
familie Husers. De woning staat aan de westkant ‘landskant’ van het Verlengde Oosterdiep op nummer 7.
Het is een twee-onder-één-kapper zoals er zoveel staan hier aan het kanaal: Enkele meters ruimte tussen
de voorgevel en de straat. Mogelijk is bij de bouw van het huis geen rekening gehouden met een
toekomstige bredere straatweg. Enkelsteens muur en een grote raam gericht op het kanaal. Achter het huis
is na twintig meter gazon een sloot en dan bouwland tot aan
de Runde. In eerdere jaren werkten de bewoners van dit huis
in de vervening van deze plaats (noot 1). Links van het huis
ligt- naast de ingang- een moestuin met boomgaard, vroeger
kippen- en konijnenhokken. De ingang is een houten
klompenhok. Ooit is een houten schuur voor de stalling van een auto bijgebouwd.
Vanaf hun trouwen in 1954 wonen Jan Husers (1925-2008) en de bijna tien jaar jongere Stientje
Ensing (1934) hier. In het noordelijke deel van het dubbele huis, op nummer 6, wonen de ouders
van Jan. Dit huis heeft twee smalle raampjes aan de straatkant. Het zijn Gerardus Heinrich ‘Aole
Hinnek’ Husers en Jannigje ‘Jennegie’ de Vries (foto 2 en noot 30).
Als Jan Husers in 2008 overlijdt, woont Stientje Husers-Ensing nog alleen in het huis op nummer
7. De beide dochters zijn allengs uitgevlogen. Vanuit de voorkamer heeft ze door de grote ramen
‘voor’ en twee raampjes ‘opzij’ een riant uitzicht over het Verlengde Oosterdiep. Ze ziet zomers
de vele kleurrijke boten langs varen en fietsers en wandelaars voorbij komen. Maar ook heeft ze
zicht op de groen-gele velden en Hollandse blauwe luchten in de richting van de grens. De bomen
en bebossing langs Bredesloot (noot 2), Zwartenbergerweg en Limietweg vormen de horizon.
Verderop, oostelijker, ligt het duitse Fehndorf.
In dit grensgebied, met zijn eerdere keten, turfbulten, bruine vlaktes, zandpaden en wijken, heeft
zich haar leven afgespeeld. Het zijn haar familie en hun vele tijdgenoten die ervoor gezorgd
hebben dat het veen tussen de beide ‘Compascumen’ afgegraven is. Nu is dit veenland
boerenakker. Ze vertelt.
1.Jan Ensing (1903-1976) en Alberdina Kroon (1902-1996) aan de Jan Berendstraat 19
Tegenover geboren en haar jeugd in Zwartenberg
Pal tegenover heeft ze zicht op het huis van de overburen. Albert Hekman (noot 3) heeft hier, op Verlengde Oosterdiep oz 3, gewoond en later
het gezin van Fennechien Witteveen en Hilbrand van der Heide, zegt ze.
Zelf is ze geboren in 1934 in een huis op het bovenveen, even links- ten noorden- van het huis van de overburen. Met het veenafgraven is het
huis verdwenen.
Haar ouders zijn Jan Ensing en de bij de Viertorenbrug geboren Alberdina Kroon (foto 1). Zij verhuizen na de geboorte van Stientje naar het
Verbindingskanaal tussen Nieuw Weerdinge en Roswinkel. De Ensings komen hier vandaan. Elf jaar later, als de Tweede Wereldoorlog ten
einde is, verhuist de familie weer terug naar het geboortegebied van moeder. In 1946 betrekt de familie het bovenveenhuisje op de hoek van de
Verlengde Tweede Groenedijk en Zwartenbergerweg. Het huis is eigendom van veenbaas Ernst Meijer (noot 4, zie ook foto 14) en heeft
waarschijnlijk als adres Limietweg 1. Het gezin van Roelf de Jonge gaat dan uit het huis, weet Stientje.
Haar één jaar oudere zus Geertje (1933-2015) is dertien en hoeft niet meer naar school. ‘Ik moest direct mee het veen in’, zoals ze me zei toen
ik haar bezocht in de woning aan de Jan Berendstraat. Stientje gaat nog enkele jaren naar de school van meester van Brummelen (noot 5).
Deze school staat ook aan de westzijdekant, enkele honderden meters in zuidelijke richting bij de Springersbrug (noot 6 en foto 22). Na enkele
jaren verhuist het gezin naar een beter huis, zuidelijker. ‘Op nummer 7’ zegt Stientje. ‘Geert van Wijk van de Doorsnee viste hier hele dagen
en had overal foeken in het kanaal liggen. Wat deed hij toch met al dat vis?’
Daarna komt de familie te wonen, voorbij de Hoge Brug over de Steenhuiswijk (noot 4). Eigenaar van dit huis is Jan Muskee uit Winschoten.
‘We trokken zo met het werkvolk mee en op één was het veen afgegraven’. Eerder moet hier het gezin van Joseph Bauerhuit en Griet Westen
gewoond hebben. De laatste jaren van hun leven woont het echtpaar Ensing-Kroon in de Jan Berendstraat.
De verveners Jan en Willem Muskee hebben aan de Limietweg twee arbeidershuizen staan. Wordt het noordelijke huis bewoond door het gezin
van Jan Ensing en Alberdina Kroon. Hun dochter Geertje trouwt met Hendrik
Husers (1930-1993), de broer van Jan, en zij wonen in het zuidelijke huis van
Muskee. Beide huizen zijn afgebroken.
Noordelijker woont oom Hinnek Ensing, getrouwd met Hindrikje Zuidema, in
een keet op het bovenveen, even ten noorden van het grote huis van Salomons,
Limietweg 3. Deze keet is opgeruimd. Zij verhuizen later naar het huis van
Salomons. Vervener Klaas Salomons woont hier tot 1949. Het gezin emigreert
naar Canada (noot 7). Daarna is voor een jaar het gezin van Geert Nieman de
bewoner. Dan verhuist het gezin van Hinnek Ensing hier naar toe. Na de familie
Ensing wordt het ‘Salomonshuis’ bewoond door vader Derk Dokter en zijn
zonen. Zie ook het verhaal: De Zwartenbergerweg. De lijst van 1933 schrijft H.
Ensing (noot 8).
2. Gerardus Hermannus ‘Aole Hinnek’ Hüsers (1895-1973) en Jannigje
‘Jennegie’ de Vries (1896-1962)
1/8
Ga naar de volgende pagina