Noot 7. Volgens Jacob jr. heeft zijn familie gemeend dat de Reichsmark wel weer zou stijgen. In de oorlog tussen Frankrijk en Duitsland ‘de
oorlog van 1870-1871’ is ook eerst de Mark erg gezakt, maar na de overwinning op Frankrijk stijgt die enorm in waarde. De situatie in
Duitsland is na de Eerste Wereldoorlog, 1914/1918, totaal anders. Duitsland wordt opgescheept met een grote schuld, moet land inleveren en
dit leidt uiteindelijk tot de remming loze inflatie, wereldcrisis en tot de Tweede Wereldoorlog.
Noot 8. In het boek ‘Land op de schop’, blz. 26 op de kaart van ‘Plaatseigenaren in het Waterschap Barger-Compascuum in 1929’ staat de
naam Santing geheel rechtsonder weergegeven. Helaas is de kaart onduidelijk afgedrukt. Naast Santing zijn ook D. van Wijk, J. Jansen en de
Deventer Veen Maatschappij (DVM) grondeigenaren van percelen die juist ten noorden van het Van Echtenskanaal liggen. Op kaart 9 van
genoemd boek, blz 22 ‘Het zuidelijke deel van het Waterschap Barger-Compascuum, 1925’ worden ook de vier stroken weergegeven, nu
zonder eigenaar.
Wat hier opvalt, is dat de Limietwegwijk, Hoofdkanaal III door het perceel van Santing gaat. Ook is te zien dat de grond verder naar de grens
in handen is van een andere Waterschap: Waterschap Barger-Oosterveen en dat boven de schuine begrenzing door de Martelssloot het land
‘Gedeelte aan Hannoveranen afgestaan’ heet. Het land hier ten oosten van is Pruissen. Zie ook voor een beter overzicht blz.19, kaart 7.
Noot 9. De familie Santing had gehoopt dat de weg vanuit Barger-Compascuum, de Zuidervaart, in zuidelijke richting verlengd zou worden.
Waarbij de weg helemaal zou doorlopen tot Weiteveen en Schoonebeek. Geheel onlogisch is dit niet. Het bedrijf van Santing had dan op een
kruispunt en knooppunt van wegen gelegen. Dan hadden ook inwoners van Weiteveen hun inkopen kunnen doen in Zwartemeer. Het is anders
gegaan. Toen de openbare school werd gebouwd achter het pand van Santing was de mogelijkheid van een kaarsrechte doorgangsweg naar
Weiteveen en Schoonebeek verdwenen.
Noot 10. De familie Grol heeft voor de Tweede Wereldoorlog in Ter Apel een grote confectiefabriek. Veel meisjes en dames uit de buurt
werken bij dit bedrijf als naaister. Nu nog vertellen 80 plussers over die tijd dat ze hier werkten. Deze familie moet goed verdiend hebben en
koopt in meerdere dorpen onafgegraven percelen grond die op termijn waarschijnlijk woningbouwplaatsen worden. Zo is Grol in 1929 in
Barger-Compascuun eigenaar van plaats 28a-west. Dit is het land ten zuiden van de Postweg. Uiteindelijk heeft de familie hier nagenoeg alle
grond als woningbouwplaats kunnen verkopen (Zie; Land op de schop, blz. 26).
Noot 11. In 2000 verschijnt van de hand van Ger de Leeuw ‘Rondom de Heerenhof. Historische balans van Emmen, een stad vol dorpen in het
jaar 2000’. Op pagina 159 schrijft hij: Aan de Eemslandsweg 43 staat een markant maar verwaarloosd gebouw. De winkel/woning heeft twee
bouwlagen met plat dak. De voorgevel heeft decoratief metselwerk in de lisenen. De entree van het woonhuis is in de zijgevel, met daarboven
een loggia. Verder is de borstwering opmerkelijk. De bouwaanvraag werd door manufacturier Hendrik Santing ingediend in november 1918.
De tekening echter- en een nieuwe aanvraag- is gedateerd 17 maart 1925. De tekening is van J.A. Melenhorst (?) en met de uitvoering werden
G. Stevens en H.J. Scholte Aalbes belast. Tot zover de gemeentelijke historicus Ger de Leeuw. Op basis van deze beschrijving heeft de
gemeente Emmen het huis als ‘winkelwoning’ op haar monumentenlijst geplaatst.
In hetzelfde boek beschrijft De Leeuw op blz. 160 het , nu witgekalkte, boerenhuis van Verlengde van Echtenskanaal (nz) 26.
Noot 12. De eerste jaren heeft Zwartemeer geen eigen huisarts en houdt een huisarts uit Klazienaveen op gezette tijden spreekuur in het dorp
(Lübbers, 1996). Huisarts B. Drewes vestigt zich in 1931 in Zwartemeer. In het pand Eemslandweg 68 houdt hij spreekuur. Dit is echter van
korte duur.
Dan komt Hoenders (1934-1974), Voerman (1974-1990 +/-), Michel van Wijk (1990-1996 +/-) en vanaf die tijd Hans Douwes. Hoenders
betrekt in 1937 het nieuwe huisartsenpand op Verlengde van Echtenskanaal nz 27. Hij woont en werkt hier. Zo ook Voerman en Van Wijk.
Douwes woont hier wel maar verplaatst zijn praktijk rond 2005 naar de ‘Santingshoek’.
Noot 13. De eigenaresse van Marscha’s Kapsalon is Marscha Kuik. Haar overgrootvader is de ‘oude’ Frans Kuik. Hij bewoont in zijn tijd het
witte brugwachtershuisje op nummer 50 en bedient de draaibrug (later de klapbrug) over het Van Echtenskanaal. Kuik heeft achter zijn huis
een houten schuur ingericht als kapperssalon. Hij is ‘alleskunner’, brugwachter, kapper, postbode en vrijwillig brandweerman. Een tijdlang
woont hij in het Duitse Papenburg. Zijn zoon Heine (op zijn Duits) wordt slager in het huidige pand van T. Grouwe op nummer 49-1. Zoon
Gerard wordt ook kapper, diens zoon Frans en (dus) kleindochter Marscha eveneens.
7/8
Ga naar de volgende pagina