Altijd veel grensverkeer Er is vanaf eind negentiende eeuw voortdurend grensverkeer en omgang tussen de mensen van beide landen. Familie woont in Duitsland en jongens en meisjes uit Nederland werken als koeheerd op de grote Duitse zandboerderijen. Veel Nederlandse jongens dienen als knecht en meisjes als meid in het Emsland. Als in Rütenbrock de jaarlijkse kermis is, bezoeken veel Nederlanders dit feest. Aan het eind van de Kloosterweg in Emmer-Compascuum, de weg van het latere klooster naar de grens, staan meerdere kroegen. Sietse van der Hoek noemt: Barger Wessels en later Jan Pragt, Noldus Westen en aan de Duitse kant ene Schür. Barger Wessels moet zijn ‘Barger Wessel sien jongs’. Dit zijn de gebroeders Thole (Geerdink, 1996), de voorouders van de familie Over, de huidige bewoners van de boerderij op Nederlandse kant. Het café ‘Kneipe’ lag op een doorgangsweg van Duitsland naar Nederland. Hier wordt gesmokkeld en ook als later mannen vanuit Nederland gaan werken in het Duitse veen, bv in Fehndorf, passeert men hier de grens. Maar meer hierover in het volgende document over de Kalkovenwijk. Bredesloot Nog voor 1900 begint de veenafgraving. Kanalen en zijwijken leggen het gebied open. Kanaal- en veengravers uit alle streken komen het gebied binnen. In Emmer-Compascuum, op de oostoever van de Breede Sloot, ontstaat een woonlint op afgegraven grond en heet in de volksmond de ‘Bredesloot’. Deze streek staat bij oudere bewoners van Emmer-Compascuum bekend om zijn natte grond en zijn slechte toegankelijkheid, het smokkelen en drankmisbruik van vooral de in Duitsland geproduceerde foezel (GS: slechte jenever). Abeltje Rozema schrijft erover in haar ‘De leeuwerik jubelt, verhalen van drie generaties vrouwen in het veen’ (2003). Abeltje werd in 1913 geboren in Emmer-Compascuum, aan de Bredesloot. Zij groeit op in de grensstreek. Het leven is hard in de venen, fysiek zwaar werk voor man, vrouw en kinderen. Onzekere verdienste, verplichte winkelnering bij de veenbaas, slechte woonomstandigheden, hoge kindersterfte en weinig tijd en ruimte voor gevoel. Het leven moest door. De weg verlegd In latere jaren verdwijnt deze streek op de oostoever van de ‘echte’ Breede Sloot. De grond wordt afgegraven en de huizen afgebroken. Na de vervening wordt het gebied anders ingericht. Ook de oudere woonketen op het bovenveen in de streek ‘Achter de Breede Sloot’, tussen de Breede Sloot en de landsgrens, worden afgebroken. Hier aan de grens, maar ook her en der verspreid in het gebied, wonen de van oorsprong Duitse boekweitboeren. Vanuit de Kalkovenwijk wordt een kanaal in zuidelijke richting verlengd. Dit kanaal krijgt na ongeveer een halve kilometer de ‘verwarrende’ naam Bredesloot en heeft na een bocht naar het westen zijn ligging zo’n vijftig meter ten oosten van de oorspronkelijke Breede Sloot. Zijwijken worden in de richting van de grens gegraven om ook hier het veen te kunnen afgraven. Aan de westkant komt een straatweg te liggen die eveneens de naam Bredesloot draagt en gaat in de richting van Barger-Compascuum over in de Zwartenbergerweg. Enkele huizen worden gebouwd aan deze Bredesloot, aan de westkant van het kanaal of tegenover aan de oostkant. De weg maakt verbinding met de Oostelijke Doorsnee en met de Verlengde Tweede Groenedijk. Bij de Oostelijke Doorsnee ligt een brug. Nog verder naar het zuiden gaat de Zwartenbergerweg als ‘Hogebrug’ over de Steenhuiswijk. Aan de oostkant Aan de oostkant woont ten zuiden van de Verlengde Tweede Groenedijk in een oranje-rood bakstenen huis Harm Meijering. Hij is zetbaas voor grondeigenaar Veldkamp (noot 1). Later woont het gezin van Bertus van Rijswijk en Annelies Nijkamp. Verder naar het noorden woont het gezin van Berend Robben ‘Buul Berend’ en Ibeltje Kuipers met de kinderen Aaffien, Berendina en Pietronella met haar man Jan Dokter. Nog noordelijker staat het huis van Derk Dokter en Trina Trip. Daartussen staat het huis van de vrijgezelle broers Wanningen. ‘Ellert en Brammert’ zeggen de mensen omdat beide jongens erg groot zijn. Zie voor een uitvoerige beschrijving van deze familie Robben-Kuipers- Dokter http://www.achterdebreedesloot.nl/zwartenbergerweg_p15.htm. 3. De brug over de Oostelijke Doorsnee, daar waar de wijk overgaat in de Bredesloot (foto; GS)  Bij de Oostelijke Doorsnee Daar waar de Oostelijke Doorsnee en de Bredesloot samenkomen ligt een brug. Aan de oostkant van de Bredesloot hebben, even ten noorden van de brug, een tweetal huizen gestaan. In het noordelijke huis woont het echtpaar Machiel Wolters (1876-1977) en Martje Wevers (1885 EC- 1967 EC). Later wonen dochter Lies Wolters en schoonzoon Albert Trip erbij in. In de andere woning woont eerst dochter Lies Wolters en Albert Trip, later Jo Grevinga en zus Annie Wolters. Machiel Wolters en Martje Wevers krijgen negen kinderen. Rudolf, hij trouwt met Annie Bos, zie foto 7. Stine trouwt met Jan Bos. Marie trouwt met Mans Mulder. In de volksmond heet hij Mans Twickler. Machiel junior trouwt met Ellie Twickler. Hij speelt met zijn trekharmonica op feesten, partijen en bruiloften. Lies trouwt met Albert Trip, de ouders van Martha Bos, die mij de foto’s laat zien. Annie trouwt met Jo Grevinga. Wilhelmientje sterft op jonge leeftijd. Jans blijft ongetrouwd. Hij komt om in de oorlog. En Geert Machiel trouwt met Goossen. Opvallend is de zeer oude leeftijden waarop vader Machiel en dochter Marie overlijden. Machiel wordt 101 en Marie 103 jaar. Schenklokaal Is deze buurt de lokatie waar Jan Hendrik Wolters en Elisabeth Zaan hun schenklokaal hadden? Bedoelen Willem Arling en Roef Feringa met Grote Kneipe deze plek, hier bij de brug. Zou kunnen! En waar is dan de door de heren Geerdink beschreven Lutje Kneipe van Hendrik Wolters en Maaike Helmer. Is dit dezelfde plek en lokaliteit?  Niemand kan het me meer vertellen. Vlnr, staand; Maria Catharina, Maria Elisabeth en Tekla Wolters en Maria Elisabeth Zaan. Zittend; zie onderaan. Foto uit ongeveer 1918 met helemaal rechts Maria Elisabeth Zaan (1954 Odoorn-1828 BC). Zij is in Emmen in 1885 getrouwd met Jan Hendrik Wolters (1854 Maten-1926 BC). Het echtpaar woont in het deel van Emmer- Compascuum dat tot de parochie Barger- Compascuum hoort en is eigenaar van het café ‘Grote Kneipe’. Zes kinderen krijgt het echtpaar. Jan Geert (1886 BC-1891 BC), Maria Elisabeth (1886 BC-1965 Zmeer), Tekla (1892 BC-1973 Zmeer), Elisabeth (1896 BC-1973 Zmeer) en Maria Catharina (1898 BC-1950 EC). Maria Elisabeth trouwt in 1908 met Johannes Lippold (1875 Nw Am.veld-1953 Zmeer), Maria Tekla  in 1910 met Henderikus Johannes Bos (1888 EC-1916 Zmeer), Elisabeth in 1916 met Jan Berend Tholen (1892 Zmeer-1977 Zmeer) en Maria Catharina met Jan Bos (1902 BC-1977 EC). Hendrikus Johannes Bos is zoon van Johannes Gerardus Bos en Wilhelmina Christina Stuurman. Naar zeggen komt hij in 1916 op 27 jarige leeftijd bij het smokkelen om het leven. Twee broers en een zus had hij nog, lees ik in ‘100 jaar katholieke kerk in Zwartemeer’ (Lübbers, 2005). Mogelijk is zijn enige zus Anna Maria Christina Bos, weduwe van Geert Bürmann en later getrouwd met Jan Berend Suelmann en woonachtig in de Berkenrode in Barger-Compascuum. Wilhelmina Christina Stuurman (1861 Nbarge-1949 EC) hertrouwt in 1894 in Emmen met Herman Heinrich Hölscher (1869 Neuringe- 1949 Apeldoorn), oudste zoon van Maria Catharina Wevers, zie verderop. Maria Tecla Wolters hertrouwt in 1918 met Bernard Lucas Valke. Ze wonen in 1926 aan de Grensweg Zwartemeer, 5de blok op nummer 131. In 1973 wonen zijn aan de Kamerlingswijk 113. Negen kinderen Valke worden nog geboren. De drie kinderen vooraan zijn waarschijnlijk van Tekla Wolters en Henderikus Johannes Bos. Vlnr; Wilhelmina Catharina Bos (1911 BC-1992 Emmen), Johannes Gerardus Bos (1916 Zmeer-1978 Zmeer) en Johan Heinrich Bos (1913 Altharen-1989 Emmen). Gezien de leeftijd van de kinderen schat ik de foto van 1918 (foto en bron; Jans Wanders) 4. De Bredesloot in 1967 Maria Catharina Wevers  Een naam die vaker voorkomt in beschrijvingen van families die wonen aan de Breede Sloot-Bredesloot is Maria Catharina Wevers. Zij is in 1842 in het Duitse Neuringe, vlakbij Twist, geboren en overlijdt in 1910 in Emmer- Compascuum. Eerst enkele gegevens over het leven van deze Maria Catharina Wevers. Zie ook hiervoor, de lijst van de heren Geerdink. Maria Catharina Wevers (1842 Neuringe-1910 EC) trouwt twee keer. De eerste keer in Twist in 1869 met Johann Heinrich Hölscher (1841 Meer-1880 Vmond). Hun kinderen zijn Herman Heinrich ‘Hinnek’ (1869 Neuringe- 1949 Apeldoorn), Anna Helena (1872 Zandberg-1889 EC), Jan Berend (1875 Zandberg-1893 EC) en Alida (1879 Vmond-1893 EC). Dan verhuizen ze naar Zandberg, gemeente Odoorn. Hier zien Anna Helena (1872 Zberg- 1889 EC) en Jan Berend (1875 Zberg-1893 EC) het levenslicht. Vervolgens verhuizen ze naar Valthermond en wordt in 1879 hun jongste kind Alida (1879 Vmond-1893 EC) geboren. Vader Johann Heinrich overlijdt in 1880. Mogelijk verhuist Maria Catharina naar het woongebied aan de Breede Sloot in Emmer-Compascuum. Ze raakt zwanger van Martje, die in 1885 wordt geboren (noot 2). Een tweede keer trouwt Maria Catharina Wevers in Emmen in 1894 met Geert Boekholt (1853 Zandberg-1918 EC). Woont ze dan al aan de Breede Sloot? De beide heren Geerdink situeren hier wel het echtpaar Boekholt/Wevers. In 1913 moet het gezin naar de gemeente Vlagwedde verhuisd zijn. Dan is moeder Maria Catharina al overleden. 3/8   Ga naar de volgende pagina